Beleidsplan openbare verlichting
Gemeente Heerenveen
2002/2003

In 1993 was het beleid ten aanzien van openbare verlichting van de gemeente Heerenveen vastgelegd in een beleidsplan (Openbare Verlichting Belicht). In dit beleidsplan werd hoofdzakelijk ingegaan op de technische aspecten van openbare verlichting. De laatste jaren spelen echter verkeersveiligheid, sociale veiligheid en ruimtelijke inrichting een steeds belangrijkere rol bij beslissingen over openbare ver­lichting. Ook andere beleidsvelden – zoals energie en milieu – krijgen steeds meer invloed op dit beleid. Tenslotte is er veel veranderd op het gebied van wet- en regelgeving, bijvoorbeeld de gewijzigde wetgeving ten aanzien van de gemeentelijke aansprakelijkheid, de NSVV-normen, de invoering van het Politie­keurmerk Veilig Wonen, etc.

Door al deze aspecten was het wenselijk het beleid ten aanzien van openbare verlichting te actualiseren. In 2002 vroeg de gemeente Heerenveen mij om een nieuw beleidsplan op te stellen wat in de komende jaren de basis zal vormen voor beslissingen ten aanzien van openbare verlichting.

Het nieuwe beleidsplan is ingedeeld in drie onder­delen:

  • Algemeen deel: hierin zijn enkele hoofdstuk­ken gewijd aan de algemene aspecten in relatie tot de openbare verlichting. Denk bijvoorbeeld aan de noodzaak voor open­bare verlichting, sociale veiligheid, wet- en regelgeving, energie- en milieubeleid, etc.
  • Beleidsdeel: het beleidsdeel vormt de basis van het beleidsplan. Het gaat hier om het vastleggen van de beleidskeuzes die de basis vormen voor toekomstige beslissingen ten aanzien van het wel of niet plaatsen van openbare verlichting. Ook de technische verlichtingseisen (verlichtingskleur en verlichtingsniveau) maken hier deel van uit. Tenslotte wordt in het beleidsdeel nog ingegaan op technologische ontwikkelingen die de functie van de openbare verlichting kunnen ondersteunen of zelfs vervangen.
  • Uitvoeringsprogramma en financiën: het licht­mastenbestand van de gemeente Heeren­veen is geanalyseerd op achterstallig onder­houd, masten en armaturen waarvan de technische en/of economische levensduur verstreken is, energie-inefficiënte armaturen, verouderde mast- en lamptypen, etc. De uitkomsten hiervan zijn verwerkt in een uitvoeringsprogramma. Ook is geïnventari­seerd welke onverlichte gebieden gedurende de looptijd van dit beleidsplan eventueel nog verlicht moeten worden.

Bijzonder in het nieuwe beleidsplan openbare verlichting is dat er relatief veel aandacht is besteed aan alternatieven voor openbare verlichting en aan aanvullende maatregelen. Enkele voor­beelden van onderwerpen die in het beleidsplan aan de orde komen zijn wegdekreflectoren, LED-verlichting, fiber optic lighting technology, zonne-energie, dynamische openbare verlichting bewegingsdetectie en wegdekmaatregelen.